Henk J Slijper (85) died last Saturday. Below are excerpts from a speech I delivered at the occasion of a large exhibition of his work in 1993.
Het werk van Slijper is verbonden met mijn vroegste vogelherinneringen: het wegdromen bij Slijpers wandplaten van de Nederlandse vogels tijdens de saaie biologielessen, de plakplaatjes in het boekje van de Raiffeissenbank in 1960.... Slijper liet me toen zien hoe onvergetelijk mooi gewone vogels als houtduiven zijn. En ik ben waarschijnlijk de enige Nederlander aan wie het elfstedentochtkruis is verleend door Henk Slijper. Hij had hem gereden in 1954 en ik in 1986, maar zwart en dus zonder kruisje. Van Henk kreeg ik toen alsnog de medaille uitgereikt. Hij knipte de originele ruigpootbuizerd uit de wandplaat, schilderde er een Friese winterlandschap omheen en legde het elfstedenkruis aan de klauwen van de vogel.
R. Abacheur
In april 1984 boog de redactie van het tijdschrift Vogels zich over de inzendingen van 39 kunstenaars, om daaruit een schilder te selecteren voor de nieuwe serie artikelen van prof. Voous. Wat was er aan de hand. Slijper had de vorige serie, over roofvogels, geschilderd en de redactie vond het tijd voor vernieuwing. Zo zijn redacties nu eenmaal. Het monument dat Slijper heet, moest maar eens wijken voor het van ongeduld trappelende, nieuwe Nederlandse talent. Uiteindelijk bleven er van de 39 inzenders drie over, waartussen de redactie niet goed kon kiezen, waaronder een onbekende Franse schilder, Raymond Abacheur. Het werk van deze laatste sprak de redactie zo aan dat men over het bezwaar van zijn buitenlandse afkomst heenstapte. Om enkele dagen later geconfronteerd te worden met de man achter de schuilnaam: Hendrik J. Slijper. De mensen die in een Frans woordenboek de betekenis van het woord ‘rabacheur’ opzochten, vonden daar de prachtige, typisch Nederlandse woorden ‘zeurpiet’ en ‘zanik’.
Vakmanschap
Het is tekenend dat Slijper gewoon als beste uit de inzendingen tevoorschijn kwam. De andere twee deden nog een tijd mee, maar daarna was het als vanouds weer Henk Slijper die de platen in Vogels schilderde. In alle stukken over Slijper wordt Slijpers vakmanschap genoemd. Men wijst op zijn sterke band met de traditie, zijn kennis van de schildersmaterialen en techniek van de oude meesters. Hij is een trait d’union tussen heden en verleden. Slijper is ook veelzijdig in zijn vakmanschap. Hij is portrettist, vogelschilder, stillevenschilder, landschapschilder en maakt schitterende zwart-wit tekeningen.
Kennis van de natuur
De Rabacheur-inzending tekende ook zijn kennis van de natuur; de vogel, de omringende planten en het landschap waren tot in alle details verantwoord.
Mensen die veel van de natuur weten, zeggen dat Slijper nog veel meer weet. Zijn kennis van vogels, zoogdieren, insekten, hoger planten, mossen, paddestoelen etc is fenomenaal. Ysbrand Brouwers vertelde hoe Slijper als enige vanuit een rijdende auto een rietgors hoorde op een plaats waar je die niet zou verwachten. Peter Vos vat Slijpers vogelkennis bondig samen: “ Hij weet meer van vogels dan de vogels zelf”.
Persoonlijkheid
Iemand die als ‘rabacheur’ inzendt, als zeurpiet dus, als zanik, laat zichzelf kennen als een persoon met zelfspot en gevoel voor taal. Niet alleen zelfspot trouwens, ook zelf-twijfel. Tot in zijn autonummerbord ziet Slijper bewijzen voor zijn niets-kunnen. “Tsja, een mens werkt wat af, he?” , is hem in de mond bestorven.
In zijn taalgebruik heeft Slijper een voorkeur voor het archaische, het romantische. Het verhaal ‘Het raadsel van de Goudplevier’ en het gedicht ‘Valkerij’ vormen hiervan mooie voorbeelden. Wie wel eens een brief van Henk heeft gehad zal niet alleen getroffen zijn door het opmerkelijke handschrift, maar ook door de (oud)Nederlandse, (oud)Franse en (oud)Engelse uitdrukkingen. En dan heb ik het nog niet over zijn mooie stem, met die karakteristieke halen.
Henk Slijper is ook een denker, o.a. over de uiterlijke vorm. De uiterlijke vorm is voor hem van eminent belang. Hij meent dat een mens er zo uitziet als hij eruit wil zien, dat een wezen zijn eigen vel kiest, dat een kind zijn ouders kiest als hij geboren wil worden. Het lichaam is wat je bent, letterlijk en als je de controle over een stuk van je lichaam mist, zoals hij zelf sinds zijn hersenembolie in april 1981 heeft ervaren, ben je letterlijk een stuk van jezelf kwijt.
Liefhebber
Misschien wel het belangrijkste aspect van zijn persoonlijkheid is zijn vasthoudende, bandeloze enthousiasme. Henk Slijper is een liefhebber, een man van, zoals hijzelf zegt, ‘domme levensdrift’, vol werklust. Een man die, als hij revalideert aan een zware embolie, een boot ontwerpt en bouwt.
Hij weet wat het is om zijn liefde, zijn enthousiasme, zijn hartstocht te volgen. Ik hoorde in Utrecht eens iemand uitvallen tegen een bezadigde groep Rotary-heren, die wat laatdunkend deden over zijn plannen voor het behoud van historische panden in in de Utrechtse binenstad: “Daarom zal het met jullie nooit iets worden; er zit geen liefde bij.” En zo is het; onberedeneerd je hart volgen, tegen beter weten in soms, dat leidt tot de mooiste resultaten, het hoogste geluk (en de diepste dalen).
Waarom toch altijd weer streven naar de juiste, enige, beste manier om iets af te beelden? Waarom weer eindeloos het veld in zeulen bij slecht, weer, terwijl je weet dat het futiel is? Henk geeft het antwoord: “Liefhebberij. Ik heb veel lief, waartoe leeft de mens ander?”
View this drawing in the
galleryBekijk deze afbeelding in de galerieView this drawing in the
galleryBekijk deze afbeelding in de galerie